Spring naar inhoud
Vertaal in:

Radiologie

Medisch personeel bereidt een patiënt in een rolstoel voor op een röntgenfoto.

Op de afdeling Radiologie van Frisius MC onderzoeken we de binnenkant van uw lichaam met verschillende beeldvormende technieken. Dit doen we met röntgenfoto’s, echo’s, CT-scans en MRI’s. Zo kunnen we bijvoorbeeld botbreuken, afwijkingen in organen of andere medische problemen snel en duidelijk in beeld brengen.

Locaties

Poliklinieken

  • Polikliniek Radiologie

    Route 18
    Adresgegevens
    Frisius MC Heerenveen Thialfweg 44 8441 PW Heerenveen
    Telefoon
    Eenvoudig contact via de app BeterDichtbij

    Gebruik de app BeterDichtbij voor contact bij niet spoedeisende vragen. U heeft rechtstreeks contact met de polikliniek. Makkelijk en veilig. Dit kan vanuit huis, met uw eigen mobiele telefoon of tablet, op een moment dat u past. 

Poliklinieken

Poliklinieken

Meer informatie

Binnen de interventieradiologie (IR) worden verschillende behandelingen uitgevoerd door een interventieradioloog. Deze behandelingen worden meestal via een klein prikgaatje in de huid uitgevoerd na lokale verdoving ('opereren zonder te snijden'). Hierbij worden verschillende beeldvormende technieken gebruikt zoals röntgendoorlichting, echografie, CT en MRI.

Interventieradiologie bij kanker

Interventieradiologie biedt steeds meer mogelijkheden om een tumor in het lichaam lokaal te behandelen met zogenaamde oncologische behandelingen. De tumorcellen kunnen door verhitting of bevriezing worden vernietigd nadat speciale naalden zeer nauwkeurig zijn geplaatst in de tumor. Radiologische beeldvorming met behulp van röntgen, echografie, CT en MRI wordt daarbij gebruikt om de tumor in kaart te brengen en zo minimaal invasief tumoren te behandelen om gezond weefsel rondom te sparen. De mogelijkheid wordt steeds vaker ingezet bij kleine tumoren, of als iemand vanwege gezondheidsrisico’s geen grote operatie kan ondergaan. Deze behandelingen zijn vaak effectief en resulteren in minder bijwerkingen en een sneller herstel.

Interventieradiologie bij vaatlijden

Patiënten met vaatlijden kunnen vernauwingen (stenose) of verstoppingen (occlusie) of juist verwijdingen (aneurysma) ontwikkelen in de bloedvaten. Interventieradiologie behandelt deze vaatziekten direct via de bloedbaan (endovasculair) via een werkbuisje in de lies of arm. Met behulp van echografie en röntgenbeelden kan de vaatafwijking benaderd worden voor lokale behandeling. Zo kan een dotterbehandeling worden gedaan waarbij een ballon wordt opgeblazen ter plaatse van een vernauwing of verstopping. Soms moet daar ook een stent geplaatst worden om een bloedvat mooi open te houden of een aneurysma te behandelen. Deze ingrepen kunnen de bloedstroom verbeteren en symptomen verlichten.

Interventieradiologie bij behandeling van baarmoederfibromen (uterusmyomen)

Vrouwen met baarmoederfibromen kunnen klachten ontwikkelen van abnormaal veel bloedverlies tijdens de menstruatie, pijnklachten en frequent urineren. Interventieradiologie kan de bloedtoevoer naar de fibromen afsluiten met behulp van kleine partikeltjes die via een katheter meestal via de lies worden ingebracht en met de bloedstroom naar de fibromen worden gevoerd. De fibromen zullen zo afsterven en krimpen om de symptomen als hevige menstruatie of druk op de blaas te verminderen.

Interventieradiologie bij traanwegen

Klachten van veelvuldig tranen kunnen veroorzaakt worden door een verstopte traanweg, veelal na ontstekingen of infecties. De interventieradiologie kan met behulp van röntgenapparatuur een vernauwing of verstopping in de traanweg afbeelden en eventueel behandelen met een dotterprocedure, waarbij een ballonnetje wordt opgeblazen ter plaatse van deze obstructie. Soms moet er een tijdelijke stent worden geplaatst die na 2 tot 3 weken wordt verwijderd via de neus. Zo wordt de natuurlijke afvoer van tranen hersteld met een minimaal invasieve techniek.

Interventieradiologie bij hemodialyse en peritoneaaldialyse

Patiënten die hemodialyse ondergaan, kunnen vernauwingen of verstoppingen in de aangelegde shunts. Interventieradiologie kan deze behandelen via een werkbuisje in de bloedbaan. Zo wordt de bloedstroom door de shunt weer geoptimaliseerd ten behoeve van de hemodialyse. Ook kan er besloten worden tot het plaatsen van een tijdelijke dialysekatheter via de hals of lies die met behulp van echografie en röntgen worden geplaatst.

Bij peritoneaal dialyse, ook wel buikdialyse, worden via het buikvlies (peritoneum) afvalstoffen uitgescheiden. Hiervoor is het nodig dat er een permanent slangetje (katheter) in de buik wordt aangebracht, zodat tijdens de dialyse tijdelijk spoelvloeistof (dialysaat) in de buikholte kan worden toegediend. Het permanente slangetje (peritoneaal katheter) wordt bij de interventieradiologie via de huid ingebracht in plaats van een operatie onder narcose met de bijbehorende risico’s. Het voordeel hiervan is dat er thuis gedialyseerd kan worden.

Interventieradiologie bij trauma en/of acute bloedingen

Interventieradiologie kan bloedingen bijvoorbeeld na een trauma of bij ontstekingen behandelen door het afsluiten van aanvoerende bloedvaatjes. Dit gebeurt als er op CT-scan een actieve bloeding zichtbaar is. De interventieradioloog kan via een werkbuisje, vaak ingebracht via de lies, met katheters de betreffende bloedvaatjes bereiken en afsluiten. Dit gebeurt meestal met coils of partikels. Zo kan interventieradiologie levensreddend zijn, zonder de noodzaak van een operatie.

Interventieradiologie voor langdurige medicatietoediening

Interventieradiologie kan infusen via de bovenarm plaatsen die langdurig kunnen worden gebruikt . Dit wordt een PICC genoemd (perifeer ingebrachte centraal veneuze katheter). Deze katheters worden geplaatst als er langdurig medicatie via een infuus moet worden toegediend en zo hoeft er niet frequent een infuus te worden geprikt.

Specialisten - onze interventieradiologen

  • J.A. Dol
  • B.M. Doorenboos
  • M. Krietemeijer
  • T.W.F. Vink
  • J.M.F. van Wagenberg
  • M. van der Zijden

Onderdeel van topklinische zorg

Voelt u een verandering in uw borst? Dan maakt u zich waarschijnlijk zorgen. U wilt snel weten wat er aan de hand is. In het Borstcentrum van Frisius MC kunt u terecht voor allerlei klachten aan de borst – of het nu gaat om een knobbeltje, pijn of andere veranderingen. Is er een vermoeden van borstkanker? Dan helpen wij u snel en met persoonlijke aandacht.

Het onderzoek begint met beeldvorming

Uw huisarts verwijst u meestal eerst voor beeldvorming. Dat is onderzoek waarbij we met behulp van verschillende technieken inwendige beelden van de borst maken. Bijvoorbeeld met een mammografie (röntgenfoto van de borst) of een echografie. Dit gebeurt op het Borstcentrum bij de afdeling Radiologie.  

Zien we iets dat anders is dan normaal? Dan doen we vaak extra onderzoek, zoals een punctie. Bij een punctie nemen we met een dunne naald een klein stukje weefsel weg. Dit onderzoeken we in het laboratorium. Daarna bespreekt u de uitslagen met een verpleegkundig specialist of chirurg van het Borstcentrum. Is verder onderzoek of behandeling nodig? Dan starten we daar zo snel mogelijk mee.

Wat is borstkanker? 

Borstkanker ontstaat als cellen in het borstweefsel blijven groeien zonder dat het lichaam dit stopt. Normaal stopt het lichaam deze groei op tijd. Bij kanker gebeurt dat niet. De ziekte begint vaak in de melkbuisjes of melkklieren. Vrouwen krijgen vaker borstkanker dan mannen. Maar ook mannen kunnen borstkanker krijgen. Hoe eerder we borstkanker ontdekken, hoe groter de kans op een behandeling die kan genezen.

Samen zorgen we voor uw behandeling 

In het Borstcentrum werkt een team van specialisten nauw samen. In dit team zitten onder andere een chirurg-oncoloog, internist-oncoloog, mammaradioloog, verpleegkundig specialist, patholoog, radiotherapeut en plastisch chirurg. 

Elke specialist heeft eigen kennis en ervaring. Samen bespreken zij uw situatie en de uitslagen van uw onderzoeken. Daarna stellen zij een behandelvoorstel op. Zo kijken meerdere specialisten mee en krijgt u een zorgvuldig advies.

Uw vaste contactpersoon 

Tijdens uw behandeling heeft u een vast contactpersoon. Aan het begin maakt u kennis met een verpleegkundig consulent. U kunt deze persoon bellen of mailen als u vragen heeft of zich zorgen maakt. Zo heeft u altijd iemand bij wie u terecht kunt. Daarnaast heeft u een hoofdbehandelaar. Dit is een chirurg of verpleegkundig specialist. Deze persoon is verantwoordelijk voor uw behandeling.

Samen Beslissen 

Uw behandelaar bespreekt het behandelvoorstel met u. U krijgt duidelijke uitleg over de verschillende mogelijkheden en de voordelen en nadelen van elke behandeling. U kunt vragen stellen en aangeven wat voor u belangrijk is. Misschien speelt uw werk een rol. Of uw gezin. Of uw toekomstplannen.  

Samen kijken we welke behandeling het beste past bij uw medische situatie en bij uw leven. Zo krijgt u de rust en het houvast die u nodig heeft om samen te kiezen voor de behandeling die bij u past.

Meer informatie 

Meer weten over borstkanker of over keuzes in uw behandeling? Kijk op: